Opties: Beeld

Aan de linkerkant van het tabblad Beeld zie je de sneltoetsen die je nodig hebt om het verkeer te observeren (bijv. in de buitenspiegels kijken, over je schouder kijken en naar achter kijken). Druk bijvoorbeeld op de Enter-toets als je de laatste instructie van je rij-instructeur nog eens wilt horen. Met de lettertoets L schakel je je lichten aan en uit – belangrijk in het donker en bij slecht zicht.
Bovenaan rechts kun je het zicht instellen. Je kan bv mist of regen kiezen. Als je 'Automatisch' selecteert dan bepaalt het spel de weersomstandigheden. Meestal wordt het dan een zonnige dag. Je kan ook regen of sneeuw kiezen, maar let op want je remafstand wordt dan langer (zonder ABS) dus moet je voorzichtiger rijden. Gebruik ook je ruitenwissers door op de lettertoets Z te drukken.
Met het selectievakje nacht kun je elk scenario instellen op avondschemering. Deze optie kan echter niet worden gewijzigd tijdens een nachtelijke rit. Als het donker is of als er een dichte mist hangt, wordt ook gecontroleerd of je de koplampen wel hebt ingeschakeld.
Bij dichte mist of 's nachts zetten alle voertuigen hun koplampen
aan. Jij moet dat dan natuurlijk ook doen door op de lettertoets L
te drukken. Als je de schuifregelaar helemaal naar rechts schuift, wordt het driedimensionale misteffect
volledig uitgeschakeld. Dit is nodig bij een zeer beperkt aantal
3D
grafische kaarten die geen misteffecten ondersteunen. In dit geval wordt
het misteffect niet meer ingeschakeld wanneer je op de
knop
Standaard klikt. Je moet de regelaar naar een andere waarde schuiven
om weer een misteffect te krijgen.
Bij de modus Camerastandpunt (functietoets F7) wordt de camera achter je voertuig geplaatst (zogenaamde 'derde persoon'). Een voorbeeld daarvan zie je op de volgende afbeelding, waarbij de optie nacht geactiveerd is:

Om terug te keren naar het zicht vanuit de cockpit (zogenaamde 'eerste persoon'), druk je nogmaals op functietoets F7.
Om te oefenen zijn er nog twee andere bijzondere functies:
Met F8 kun je passief meerijden met andere auto's. Telkens wanneer je op functietoets F8 drukt, schakel je over naar de volgende auto. In deze situatie is het nog steeds mogelijk om over je schouder te kijken (Shift + pijl-rechts/links) en naar achter te kijken (Del(ete)). Maar wees alsjeblieft voorzichtig en parkeer eerst je voertuig op een veilige plaats!
Met de lettertoets X kun je andere verkeerslichten controleren. Als je nog niet zo vertrouwd bent met het verspringen van de verkeerslichten, kun je met de lettertoets X de verkeerslichten naar je toe en van je weg draaien.

Je beschikt ook over een kaart en een kompas. Je kunt deze
weergeven en verbergen met functietoets F4. Een kleine
wit-blauwe pijl geeft je positie en rijrichting aan, terwijl het kompas linksboven
de oriëntatie in de virtuele driedimensionale wereld aangeeft. Een verdere
beschrijving van de navigatietoetsen vind je op de pagina
Navigatiesysteem.