Opties: Toetsenbord

Op het tabblad Toetsenbord zie je welke toetsen toegewezen zijn aan de functies voor het besturen van je voertuig.

Als je aan een bepaalde functie een andere toets wilt toewijzen, klik je op het computerpictogram () naast het gewenste functievakje. Vervolgens druk je op de toets die je aan de gekozen functie wilt koppelen.

Voordat je begint te rijden, druk je één keer op de lettertoets F om de automatische transmissie in de rijmodus te schakelen. Gebruik de pijltoetsen om te sturen en te remmen. De toetsen die je dient in te drukken om de richtingaanwijzers te gebruiken (Ctrl respectievelijk Alt), over je schouder te kijken (Shift + pijl-links respectievelijk Shift + pijl-rechts) en om in de spiegels te kijken (druk 1 keer op de spatiebalk voor de achteruitkijkspiegel of 2 keer voor spatiebalk de buitenspiegels), kun je gemakkelijk met je linkerhand bedienen.