Opties
Het menu Opties bestaat uit zes tabbladen waarop je verschillende opties kunt instellen. Je kunt het venster met opties ook direct vanuit de rijsimulatie openen met functietoets F1. Om het venster daarna weer te sluiten, druk je nogmaals op F1. Om over te schakelen van het ene naar het andere tabblad, gebruik je de muis of druk je op pijl-links of pijl-rechts.
Met de knop 'Standaard' kun je alle opdrachten weer op de standaardinstelling instellen. Met de knop 'Help' kun je een beknopte online Help weergeven.

Andere functies toewijzen aan de toetsen van het toetsenbord of aan de knoppen van het stuur:
Als je naast een functievakje een computerpictogram (
) ziet, betekent dit dat je aan die functie een andere toets kunt toewijzen. Zo kun je zelf bepalen welke toetsen je voor welke functies wilt gebruiken. De zelf ingestelde toetsen worden opgeslagen onder de leerling die zich bij de
inschrijving heeft geregistreerd.
Als je een instelling wilt veranderen, klik je eerst op het pictogram
.
Vervolgens druk je op de toets op het toetsenbord of de stuurknop die je aan
de desbetreffende functie wilt toewijzen. De nieuwe aanduiding verschijnt dan
naast het functievakje. Indien aan de nieuwe toets/knop al een functie toegewezen
was, wordt dit gemeld in de statusregel.